Donkere sparrenbossen, heldere meren, watervallen en dorpjes met koekoeksklokken: het Zwarte Woud in het zuidwesten van Duitsland heeft een naam die ver buiten het land bekend is. Denk ook aan Schwarzwälder kersentaart en gerookte ham. Het gebied beslaat zo’n 6.000 km² en trekt elk jaar grote aantallen toeristen, en dat is na een paar dagen wandelen goed te begrijpen. Hieronder lees je welke plekken je niet mag missen, welke dieren je kunt tegenkomen en wat je praktisch moet weten voor je gaat.
In het kort
- Vanuit midden-Nederland rijd je in ongeveer 6 uur naar het noordelijke Zwarte Woud; het zuiden ligt verder weg.
- Mei tot en met oktober is de fijnste periode om te wandelen en fietsen; juni, september en oktober zijn rustiger.
- De Feldberg is met 1493 meter de hoogste top; in de winter kun je er bij genoeg sneeuw skiën en langlaufen.
- De Schwarzwaldverein onderhoudt ongeveer 24.000 km gemarkeerde wandelpaden.
Wat maakt het Zwarte Woud zo bijzonder?
Met het weelderige groen van deze natuurlijke idylle vraag je je misschien af waarom het Zwarte Woud zo heet. Daarvoor moeten we ver terug in de tijd. In de Romeinse tijd stond het gebied bekend als Abnoba mons en later als Marciana silva. De naam Schwarzwald duikt voor het eerst op in een oorkonde uit 868.
Het Zwarte Woud ligt in Baden-Württemberg, vlak bij de grenzen met Frankrijk en Zwitserland. Er zijn geurige bergweiden waarop de koeien vredig grazen, en enkele van de laatste ongerepte heidevelden van Duitsland. Watervallen stromen de diepte in, de wijngaarden van Baden aan de westelijke rand nodigen uit om ze te proeven. In het zuiden kunnen wandelaars tot aan de Alpen kijken.
Maar het Zwarte Woud zelf is ook een paradijs voor iedereen die de berglucht wil opsnuiven. Met de Feldberg van 1493 meter als hoogste top is het het hoogste en grootste aaneengesloten middelgebergte van Duitsland. Hier hebben tektonische bewegingen en de laatste ijstijd een landschap gecreëerd dat natuurliefhebbers inspireert met zijn rauwe schoonheid. Meren zoals de Titisee zijn ook een product van smeltende gletsjers. Perfect als je op zoek bent naar een plek om te zwemmen en te varen.
Welke landschappen van het Zwarte Woud zijn bijzonder de moeite waard?
Het groen van de bomen, kabbelende beekjes, kleurrijke weiden en hoge bergtoppen. Als je een ontspannen vakantie in het Zwarte Woud wilt, moet je de volgende plaatsen bezoeken:
Natuurpark Zuidelijk Zwarte Woud
Het zuidelijke Zwarte Woud is een van de meest bezochte regio’s van Duitsland. Hier strekt zich een natuurpark uit over 394.000 hectare, het op een na grootste natuurpark van het land, en het heeft alles. Dichte bossen, heidevelden, moerassen, bloemenweiden, watervallen en natuurlijk de majestueuze Feldberg met een hoogte van 1493 m. Maar waar begin je met zo’n groot gebied?
De beste plek om naartoe te gaan is het Haus der Natur bij de Feldberg. Daar kom je te weten hoe dit landschap is ontstaan en wat het zo bijzonder maakt. Je kunt het zuidelijke Zwarte Woud verkennen op een uitgebreid netwerk van wandelpaden. Maar ook fietsen en paardrijden behoren tot de vrijetijdsbesteding.
Biosfeergebied Zwarte Woud
Dit biosfeergebied van 63.000 hectare, sinds 2016 erkend, staat in het teken van ontspanning en ontmoeting met de natuur. Wildernis en cultuurlandschappen gaan hand in hand. Je vindt er bijvoorbeeld dichte bossen en bergweiden waar vee graast zoals vroeger. Imposante steenhopen getuigen van de kracht van de laatste ijstijd. De 1415 m hoge top van de Herzogenhorn biedt fantastische uitzichten. Naast bloemenweiden zal de geur van tijm, duizendblad en arnica je neus vullen.
Triberger watervallen
In het stadje Triberg, midden in het Zwarte Woud, vallen de bekendste watervallen van Duitsland. Het water van de Gutach stort hier in een reeks trappen in totaal 163 meter naar beneden. Ze worden vaak de hoogste watervallen van Duitsland genoemd, maar dat klopt niet helemaal: de Röthbachfall in Beieren is hoger. Je kunt dit natuurspektakel op verschillende wandelpaden bewonderen, met bruggetjes over het water. Wil je heel dicht bij de watervallen komen en de verfrissende mist op je gezicht voelen? Dan ben je op de paden langs de grote val in goede handen. Let onderweg op eekhoorns. Voor de watervallen betaal je entree.
Ravennaschlucht
In de buurt van Breitnau creëerde de Ravenna-beek een kloof met rotsachtige hellingen en kabbelende watervallen. De wandeling begint bij Hofgut Sternen, waar je in een open atelier glasblazers aan het werk kunt zien. Dan is het ongeveer 4 km langs de beek. Als je van avontuur houdt, is de wandeling over rotsen, trappen en houten bruggen precies wat je zoekt. Maar niet alleen natuurbelevenissen staan op het programma. Een ander hoogtepunt is de Großjockenmühle uit 1883, een beschermde watermolen met een imposant schoepenrad. In de adventsweekenden is er onder het verlichte spoorwegviaduct een kerstmarkt.
Boomkroonpad in Bad Wildbad
De sparren en beuken van het Zwarte Woud zien er vanaf de grond al indrukwekkend uit. Maar wat dacht je van een wandeling tussen de boomtoppen? Op de Sommerberg bij Bad Wildbad, in het noordelijke Zwarte Woud, is dat geen probleem, omdat er tot 20 m boven de bosbodem een pad is aangelegd. Soms moet je balanceren en een beetje klimmen, wat vooral voor de kleine bezoekers een avontuur is. Aan het einde wacht het hoogtepunt van het pad: een toren van bijna 40 m hoog van waaruit je de boomtoppen van bovenaf kunt bewonderen. En hoe kom je weer naar beneden? Met de tunnelglijbaan van 55 meter natuurlijk.
Druipsteengrotten
Houd je van ondergronds, waar het altijd lekker koel is? Geen probleem: in de gemeente Hasel, aan de zuidrand van het Zwarte Woud, ligt de Erdmannshöhle. De kronkelende gangen zijn in totaal ruim 2 km lang, waarvan je als bezoeker zo’n 360 m kunt verkennen. Deze plek is vooral de moeite waard vanwege de druipstenen.
De grootste is ruim 4 m hoog en is naar schatting enkele honderdduizenden jaren oud.
Welke dieren kan je zien in het Zwarte Woud?
De dichte bossen vormen een toevluchtsoord voor diersoorten die allang uit andere delen van Duitsland zijn verdwenen. Een voorbeeld is het auerhoen. Deze zeldzame en bedreigde vogel komt onder meer voor in het Nationaal Park Zwarte Woud, dat in 2014 werd opgericht. Andere gevederde vrienden zijn de notenkraker, de zwarte specht, de beflijster en de slechtvalk. En wie weet: met een beetje geluk zie je in het Zwarte Woud de dwerguil, de kleinste uilensoort van Europa.
Natuurlijk zijn er ook zoogdieren in het Zwarte Woud: onder andere edelherten, reeën, wilde zwijnen, egels, bevers en hazen. Vleermuizen bevolken de boomholten, de alpenspitsmuis voelt zich thuis in het rotsachtige terrein en er zijn zelfs wilde katten. Als je het bergbos verkent op een hoogte van 600 m of meer, heb je misschien het geluk om vrij rondlopende gemzen te zien.
Welke wandelroutes in het Zwarte Woud zijn populair?
Al in de negentiende eeuw begon de Schwarzwaldverein, opgericht in 1864 in Freiburg, met het markeren van wandelroutes. Rond 1900 kwamen daar de lange afstandsroutes Westweg, Mittelweg en Ostweg bij. Vandaag telt het wandelnetwerk van de Schwarzwaldverein zo’n 24.000 km aan gemarkeerde paden. Er is dus genoeg keuze voor wandelaars van alle niveaus om heerlijke uren in de natuur door te brengen.
Praktisch: reistijd en beste reisperiode
Het Zwarte Woud is goed met de auto te doen. Vanuit midden-Nederland, bijvoorbeeld Utrecht, ben je zonder lange files ongeveer 6 uur onderweg naar het noordelijke deel rond Baden-Baden en Freudenstadt. Ga je naar het zuiden, naar Freiburg, de Titisee of de Schluchsee, dan ben je langer onderweg; reken vanuit Nederland op 6 tot 8 uur, afhankelijk van waar je woont. Met kinderen achterin is een tussenstop halverwege geen overbodige luxe. Liever de trein? Dan stap je over op stations als Karlsruhe, Offenburg of Freiburg.
Voor wandelen, fietsen en zwemmen in de meren is mei tot en met oktober de fijnste periode. In het voorjaar is de natuur frisgroen en zijn de paden rustiger, in de zomer is het ideaal voor gezinnen. De herfst is met de gekleurde bossen een van de mooiste periodes om te wandelen. Wil je de drukte van de zomervakantie vermijden, kies dan voor juni, september of oktober. In de winter kun je rond de Feldberg, als er genoeg sneeuw ligt, skiën, langlaufen en winterwandelen.
Veelgestelde vragen
Hoe lang rijd je vanuit Nederland naar het Zwarte Woud?
Vanuit midden-Nederland ben je ongeveer 6 uur onderweg naar het noordelijke Zwarte Woud. Naar het zuiden, rond Freiburg en de Titisee, duurt het langer; afhankelijk van je vertrekplaats 6 tot 8 uur.
Wat is de beste tijd om naar het Zwarte Woud te gaan?
Mei tot en met oktober is ideaal om te wandelen en te fietsen. Juni, september en oktober zijn rustiger dan de zomervakantie, en in de winter kun je bij genoeg sneeuw skiën rond de Feldberg.
Wat is de hoogste berg van het Zwarte Woud?
De Feldberg is met 1493 meter de hoogste top. Hij ligt in het Natuurpark Zuidelijk Zwarte Woud, waar ook het Haus der Natur staat.
Zijn de watervallen van Triberg de hoogste van Duitsland?
Nee, al worden ze vaak zo genoemd. Met 163 meter verval zijn het wel de bekendste watervallen van Duitsland, maar de Röthbachfall in Beieren is hoger.


